Fout: zoveel mogelijk proberen te zien in die paar dagen. Je moet juist zo wéinig mogelijk willen doen. En dat lukt prima in Lissabon.
Accommodatie in Lissabon: reserveer hier
In Lissabon begint de dag met een kop koffie en mierzoete broodjes. De kopjes koffie, bica’s, zijn daarom vast ook zo sterk, om de smaak in je mond enigszins te neutraliseren. De Portugezen hier nuttigen ze het liefst staand aan de bar. Hap, slik, weg. Binnen drie minuten staan ze weer buiten.
Ik heb vakantie, dus ik heb de tijd. En die zal ik nemen ook. Aan een tafeltje bestel ik een paar broodjes. Het moet met handen en voeten, want Portugees lijkt op geen enkele andere taal en dat laat me voelen als een typische toerist.
Na het ontbijt kan de dag beginnen. Tijd om een heel klein stukje stad te bekijken.
Lissabon is gebouwd op zeven heuvels. Dat doet het uiterlijk van de stad bijzonder goed, maar dat voelen bezoekers wel al gauw in de kuiten. Er zijn in de hele stad misschien vier straten die vlak lopen en honderden die vreselijk steil zijn. Soms zo steil dat de antieke trammetjes die er op en af rijden een speciaal onderstel nodig hebben om te voorkomen dat de tram zo schuin komt te liggen dat passagiers tegen de achterruit worden geplakt.
De stad is dus niet heel geschikt voor mensen die op hun citytrip graag hele dagen wandelen. Wel voor mensen die het liefst lekker weinig doen.
Voor de luie toerist zijn die trammetjes overigens een heel relaxte manier om de stad te bekijken. De beroemde tram 28 rijdt vanuit de arme buurt Alfama, waar lang geleden de Fado ontstond, dwars door het centrum naar de rijke Barrio Alto. Een prachtige rit, maar omdat ik het traject voor de vakantie toch al virtueel heb afgelegd op YouTube, besluit ik naar die Barrio Alto, ‘hoge wijk’ te lopen, vanuit de lager gelegen winkelstraten. Het is een steile, maar mooie klim door leuke, oude straatjes. Het is de activiteit van de dag.
Eenmaal boven aangekomen hebben de benen wel weer wat rust verdiend. Langs de prachtige straat die ook nog eens de naam Rua São Pedro de Alcãntara draagt, en waar de plattegrond van de buurt op tegeltjes tegen de wand is gemetseld, vind ik een heerlijk parkje. Er staan tientallen bankjes, vanwaar je een prachtig uitzicht over de stad hebt, zoals op zo veel plekken in Lissabon.
Mooi licht
Er hangen allerlei schilders en muzikanten rond die het ook lekker rustig aan doen. Het is heerlijk luieren, zo onder de bomen. Het zonlicht schijnt hier en daar mooi tussen de bladeren door. Mijn reisgids had me al verteld dat Lisboa ‘mooi licht’ betekent en ook dat de stad niet voor niets zo heet. In de lente en in de herfst schijnt de zon op haar mooist te schijnen.
Ik zie beneden ook het grote plein, het Praça Dom Pedro IV, waar je ook zo heerlijk niets kunt doen en ondertussen onschuldige zwervers kunt bespieden.
En in de verte, op een van de andere zes heuvels, kan ik het terras aan de Rua da Costa do Castelo spotten waar ik gisteravond op een grote zitzak heb gezeten. Op het dak van een van de hoogste gebouwen, op een van de hoogste heuvels van de stad, kijk je uit over de oude gebouwen en de grote rode brug over de Taag. Met gemak het mooiste terras van de stad.
Na twee uur dutten op het bankje in het park is het mooi geweest. Ik ga maar weer eens een stukje lopen. Door de mooie kleine straatjes belegd met grote keien lopen kleine Portugese vrouwtjes langzaam voorbij. De Streetview-auto van Google die mij passeert is volledig misplaatst. Toch stap ik natuurlijk wel even naar voren om op de foto te komen. Zo ben ik vereeuwigd in de straten van Lissabon.
Bron: depers
Door: Tim Kooijmans
Gepubliceerd: maandag 23 augustus 2010 22:11



